maandag 12 juni 2017

Een natuurlijk experiment met een kleinere overheid. Het Kansas-debacle

In de Amerikaanse staat Kansas hebben de Republikeinen, de ideologen van de kleine overheid, de afgelopen jaren hun kans gegrepen om hun ideologie in de praktijk te brengen. Onder leiding van Gouverneur Sam Brownback voerden ze drastische belastingverlagingen door, met de vaste overtuiging dat ze door deze "adrenalinestoot" snel de economische groei zouden kunnen aanjagen.

Met dit "natuurlijke experiment", zoals Brownback het noemde, zou vast en zeker bewezen worden dat een kleinere overheid beter is voor de economie. Geheel in overeenstemming met de adviezen van economen als Arthur Laffer en Stephen Moore, die eerder President George W. Bush aanzetten tot belastingverlagingen en die nu de auteurs-op-de-achtergrond zijn van de belastingplannen van President Donald Trump.

Maar de feitelijke ontwikkelingen in Kansas komen niet overeen met de hooggestemde verwachtingen. De economische groei en de groei van de werkgelegenheid lopen juist sterk achter bij het gemiddelde van de andere staten. Bovendien heeft de staat grote budgettaire problemen. Terwijl sterk bezuinigd werd op de uitgaven aan infrastructuur en onderwijs. Het Hooggerechtshof greep in met het oordeel dat het gebrek aan middelen in het onderwijs indruiste tegen de Grondwet.

Gematigde Republikeinen die dit beleid aanvankelijk ondersteunden, keren nu op hun schreden terug. Samen met de Democraten beschouwen ze het experiment als mislukt en hebben ze de belastingverlagingen grotendeels teruggedraaid. Tegen de wil van Brownback en andere diehard conservatieven in. Zie de recente berichten Kansas Republicans raise taxes, ending their GOP governor’s ‘real live experiment’ in conservative policy en Kansas Republicans end the state’s failed tax reform experiment. Update. En Finally, Something Isn’t the Matter With Kansas.

Het is een interessante ontwikkeling. De neoliberale ideologie van de kleine overheid kent nog steeds veel aanhangers, ook in Nederland. Mark Rutte behoort daartoe, maar ook de PvdA en de meeste andere politiek partijen. Het is de ideologie die ten grondslag lag aan het idee dat je er juist in een crisis snel weer bovenop komt door, procyclisch, snel en veel te gaan bezuinigen. Eigenlijk hebben we daarmee ook in Nederland een natuurlijk experiment meegemaakt. Dat net als in Kansas geheel verkeerd uitpakte (hoewel de media dat angstvallig proberen te negeren). Zie nog maar weer eens Bas Jacobs, Coen Teulings en de ING.

Dat verband tussen de omvang van de overheid en de economische groei ligt natuurlijk veel genuanceerder als je echt de moeite neemt om naar de wetenschappelijke literatuur te kijken. Die overzie ik geloof ik niet in zijn geheel, maar het lijkt me dat GOVERNMENT SIZE AND GROWTH: A SURVEY AND INTERPRETATION OF THE EVIDENCE van Andreas Bergh en Magnus Henrekson de stand van zaken goed weergeeft.

Zij komen tot de conclusie dat voor de rijkere landen inderdaad geldt dat een grotere omvang van de overheid (als percentage van het BNP) samengaat met een wat lagere economische groei. Maar ook geldt dat de richting van het oorzakelijke verband eigenlijk niet valt te achterhalen:
In fact, it is close to conceptually meaningless to discuss a causal effect from an aggregate such as government size on economic growth. Thus, scholars like Kneller et al. (1999) and Bassaniniet al. (2001) have in our view rightly concluded it is more fruitful to analyse separately the mechanisms through which different taxes and expenditure affect growth. Not all taxes are equally harmful, and some studies identify public spending on education and public investment to be positively related to growth.
Maar ook wijzen Bergh en Henrekson op het gegeven dat er landen zijn, zoals de Scandinavische landen, waar een omvangrijke overheid juist heel goed samengaat met hoge economische groei. En dat zou er aan kunnen liggen dat dat landen zijn met een hoge mate van vertrouwen van burgers in elkaar. Dat vertrouwen maakt een omvangrijke overheid mogelijk, met weinig corruptie en weinig belastingontwijking en -fraude. Terwijl vertrouwen bovendien goed is voor de economie.

Dat is boeiend, als je bedenkt dat die ideologie van de kleine overheid psychologisch gezien wel eens zou kunnen voortkomen uit een lage mate van vertrouwen in anderen. Als je anderen wantrouwt, dan wil je zo weinig mogelijk van anderen afhankelijk zijn. En wil je dus zo weinig mogelijk collectief regelen.

Anderen zijn er immers alleen maar op uit om van jouw inspanningen te profiteren. Klaplopers en profiteurs! Moochers! Daar wil je niets mee te maken hebben. In die psychologie van de kleine overheid zou wantrouwen wel eens de cruciale factor kunnen zijn.
Update. Lees nu ook Paul Krugman over het Kansas-debacle en over de republikeinse partij: We’re Not Even In Kansas Anymore.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten